Straks draait alles weer op volle toeren. En dat kost geld.
Bij de start van het nieuwe seizoen staan Vlaamse sportclubs voor uitdagingen rond mensen, organisatie en geld. Meer dan zes op de tien clubs zoekt noodgedwongen extra financiële middelen. Het lot van de clubkas wordt beslist aan de toog, op het eetfestijn en tijdens het tornooi, en precies daar valt vandaag het meeste te winnen.
Johan Degrieck, 24 augustus 2026
De velden liggen er strak bij, de trainingsschema's staan klaar en de eerste ledenlijsten lopen binnen. Maar achter elke ambitie op het veld schuilt dezelfde vraag in de bestuurskamer: hoe krijgen we dit seizoen opnieuw rond? Zes op de tien Vlaamse sportclubs zoeken noodgedwongen extra financiële middelen. De kosten stijgen, de lidgelden kunnen niet eindeloos mee omhoog en de zoektocht naar sponsors wordt elk jaar lastiger. Wat er dan overblijft, gebeurt in de kantine, op het evenement en aan de toog: daar wordt de clubkas gevuld. En precies daar valt vandaag het meeste te winnen. Sneller afrekenen, met minder mensen achter de toog, en zonder de papierberg achteraf. Wat Cashow oplevert Wachttijd aan de toog korter Vrijwilligers engagement minder nodig Gemiste bestellingen naar nul Kassa- en kasadministratie automatisch Extra kassapunten zonder kosten Zicht op je omzet live Netto voor je club meer tijd, meer omzet Cashow is gebouwd voor clubs die op vrijwilligers draaien: een betaal- en kassasysteem dat iemand oppikt in vijf minuten, dat de rij aan de toog sneller wegwerkt en dat de afrekening van een evenement al klaar heeft staan voordat de laatste stoel is opgeplooid. Waarom dat vandaag zoveel uitmaakt, lees je hieronder. De sportieve ambitie is maar het halve verhaal Elke club begint het seizoen met een plan: een ploeg die promoveert, een jeugdwerking die groeit, een tornooi dat eindelijk weer volloopt. Maar naast die sportieve ambitie staan drie uitdagingen die minstens even bepalend zijn voor hoe het seizoen afloopt: de organisatie, de mensen en het geld. Die drie hangen aan elkaar. Te weinig handen betekent minder activiteiten. Minder activiteiten betekent minder inkomsten. Minder inkomsten betekent hogere lidgelden of geschrapte plannen. Wie één van de drie oplost, maakt de andere twee lichter. Altijd dezelfde handen Enthousiaste vrijwilligers vinden en houden is misschien wel de grootste uitdaging van allemaal. Het werk komt steeds bij dezelfde mensen terecht: de kantineploeg, de secretaris, de twee of drie bestuurders die alles opvangen. Jongere leden zijn wel bereid om eens bij te springen, maar structureel engagement ligt moeilijker. Het probleem is zelden onwil. Het is de vorm van het werk. Een zaterdagshift van vijf uur achter een kassa waar je zelf moet uitrekenen, bonnetjes moet natellen en achteraf de kas moet doen kloppen, is iets anders dan twee uur helpen tappen en dan weer naar huis. Deloitte wees daar in zijn impactstudie voor de Vlaamse Sportfederatie al op: de administratieve last van clubbesturen is de voorbije jaren blijven groeien, waardoor bestuurders vooral met papierwerk bezig zijn in plaats van met het sportieve en het sociale. Precies daardoor wordt het vinden van vrijwillige bestuurders zo moeilijk. “Wie vrijwilligers wil houden, moet hun werk lichter maken. Niet hun engagement groter.” Werven in een drukke vrijetijdsmarkt Nieuwe leden aantrekken is een tweede uitdaging. De concurrentie komt niet alleen van andere sporten, maar van het volledige vrijetijdsaanbod. En elk lid dat niet komt opdagen, is niet alleen een lidgeld minder, het is ook een gezin minder in de kantine en één supporter minder op het evenement. Uit het Deloitte-rapport blijkt hoe zwaar dat weegt: lidgeld is met gemiddeld 26 procent de belangrijkste inkomstenbron van de Vlaamse sportclub, goed voor zo'n 135 euro per unieke sporter per jaar. Subsidies, via de federatie en de gemeente samen, zijn goed voor amper 8 procent. De kosten lopen op, het lidgeld kan niet volgen De accommodatie wordt duurder. Energie wordt duurder. Materiaal wordt duurder. Vergoedingen voor trainers en scheidsrechters lopen op naarmate clubs professionaliseren, en dat is precies wat het beleid van hen vraagt. In de uitgaven van de gemiddelde club zijn vergoedingen en bezoldigingen samen goed voor bijna vier op de tien euro's. Daartegenover staan lidgelden die niet onbeperkt omhoog kunnen worden geduwd, iets wat clubs ook absoluut willen vermijden. Toch trekt ongeveer drie op de tien clubs het lidgeld op voor het volgende seizoen, gemiddeld met tien procent. Voor gezinnen met meerdere sportende kinderen tikt dat snel aan, en elke euro extra is een extra drempel om te blijven sporten. 6 op 10 clubs zoekt extra financiële middelen 48% zegt niet te overleven zonder sponsoring 26% van de clubinkomsten komt uit lidgeld 8% van de clubinkomsten komt uit subsidies Die 48 procent is het cijfer om in de gaten te houden. Vorig jaar was dat nog 42 procent. De afhankelijkheid van sponsorgeld groeit dus snel, en sponsorgeld is per definitie het geld dat het eerst wegvalt wanneer het economisch tegenzit. Waar moet dat geld dan vandaan komen? Het debat leeft waar die middelen vandaan moeten worden gehaald. Alle cijfers wijzen dezelfde richting uit: naast het lidgeld komen de hoofdinkomsten voort uit de kantine, de evenementen en de sponsoring . Samen met het lidgeld zijn die goed voor ongeveer 80 procent van de volledige clubfinanciering. Met andere woorden: het lot van de clubkas wordt beslist aan de toog, op het eetfestijn en tijdens het tornooi. Niet in een subsidiedossier. Meer dan zes op de tien sportclubs zoeken noodgedwongen extra financiële middelen. Dat blijkt uit de recente clubscan bij meer dan 800 clubs in Vlaanderen. Sportclubs leveren zelf extra inspanningen om de oplopende kosten te blijven dragen. Maar die situatie is op lange termijn onhoudbaar. “De clubkas wordt niet gered door subsidies of lidgeld. Ze wordt gered door sponsors, vrijwilligers en aan de toog.” Sommige clubs moeten daardoor steeds meer kostbare tijd en energie investeren in de zoektocht naar inkomstenbronnen. Waardevolle tijd die vrijwilligers buiten hun werkuren liever zouden steken in de werking van de club, haar leden en de vele sportieve ambities. Waar Cashow het verschil maakt De structurele discussie over btw-drempels en subsidies moet gevoerd worden, en de Vlaamse Sportfederatie doet dat. Maar clubs kunnen niet wachten tot 2030. Wat vandaag wel in eigen handen ligt, is hoeveel er blijft plakken van elke verkochte pint, elk bord spaghetti en elk toegangsticket. Sneller afrekenen. Kortere rijen aan de toog betekenen meer bestellingen in dezelfde rust. De omzetpiek van een wedstrijddag duurt vijftien minuten, en die kostbare vijftien minuten wil je niet verliezen door slechts één kassa die traag werkt. Minder mensen nodig. Eén persoon kan een toog draaiende houden die er vroeger twee vroeg. Zo blijft de vrijwilligerslijst haalbaar en komt het werk niet eeuwig bij dezelfde mensen terecht. Meer omzetkansen. Digitaal betalen verlaagt de drempel, cashloze bezoekers geven vlotter uit, en de club kan eindelijk zien wat wanneer verkoopt. Dat maakt van een eetfestijn een beslissing op cijfers in plaats van op buikgevoel. Laagdrempelig systeem. Gebouwd voor mensen die het er even bij nemen. Wie voor het eerst achter de kassa staat, is na een korte uitleg vertrokken. Geen opleiding, geen handleiding. Minder administratie. De kas klopt vanzelf, de afrekening staat klaar en het overzicht per activiteit ook. De uren die daarmee vrijkomen, gaan terug naar de werking en naar de leden. Bekijk welke toestellen passen bij jouw clubwerking, van een vaste kassa aan de toog tot een kassa op de smartphone van een vrijwilliger. Op volle toeren, en dat mag je voelen Binnen enkele weken staan de kantines weer vol, draaien de tornooien en lopen de eerste inschrijvingen binnen. Clubs die dat seizoen ingaan met een vlotte afrekening en een licht bestuur, houden tijd over voor waar het echt om draait: de leden, de ploeg en de ambitie. De rest is administratie. En die hoort niet op de schouders van je vrijwilligers. Gebruikte bronnen Vlaamse Sportfederatie, persbericht: Meer dan zes op de tien Vlaamse sportclubs zoeken noodgedwongen extra financiële middelen. Clubscan bij ruim 800 clubs. vlaamsesportfederatie.be (pdf) Vlaamse Sportfederatie: De clubkas kraakt, verhoog de btw-drempel structureel naar 50.000 euro. vlaamsesportfederatie.be Deloitte in opdracht van de Vlaamse Sportfederatie, met steun van Sport Vlaanderen: Socio-economische impactstudie van het georganiseerd sporten in Vlaanderen, juni 2021. vlaamsesportfederatie.be (pdf) AVS: Zes op de tien sportclubs zoekt naar extra financiële middelen, 3 juni 2026. avs.be Focus & WTV: Ruim zes op de tien Vlaamse sportclubs krap bij kas, juni 2026. focus-wtv.be VRT NWS: Sportclubs zien zich genoodzaakt tot hoger lidgeld, Vlaamse Sportfederatie vraagt een hoger btw-plafond. vrt.be Vlaams Parlement, commissieverslag over de financiering van de sportsector. vlaamsparlement.be Universiteit Hasselt, masterproef over de financiering en werking van sportclubs. documentserver.uhasselt.be (pdf)